STER Advertentie


Hoe The Beatles auditie deden en niet werden gekozen




The Decca Tapes

29 mei 2019 15:35

Het is nu moeilijk te geloven, maar er was een tijd waarin The Beatles bot vingen bij platenmaatschappijen. Ook het Britse Decca Records laat de band in 1962 door de vingers glippen.


Het is 13 december 1961 als A&R-manager Mike Smith namens de Londense platenmaatschappij Decca Records een optreden van The Beatles gaat bekijken. De Engelse band heeft dan al een flinke tijd vlieguren gemaakt in clubs in het Duitse Hamburg, maar is in eigen land nog relatief onbekend. In thuisstad Liverpool beginnen de heren inmiddels een beetje naam te maken en het is dan ook de legendarische Cavern Club in die stad waar het optreden plaatsvindt. Er is na de show twijfel bij Smith. Een platendeal zit er dus niet gelijk in, maar hij vindt de jonge muzikanten interessant genoeg om ze een keer uit te nodigen in de studio’s van Decca in Londen. Hij biedt de jongens aan om een auditie-sessie te komen spelen, om de platenmaatschappij op die manier tóch te overtuigen.

Vijftien tracks

Bijna drie weken later, op 1 januari 1962, vertrekken de heren door een hevige sneeuwbui vanuit Liverpool naar de studio's in Londen. Als ze daar aankomen is Mike Smith zelf nog nergens te bekennen. De manager arriveert te laat op de afspraak en wil vervolgens ook nog eens dat The Beatles de gitaarversterkers van Decca gebruiken. De heren van platenmaatschappij zijn namelijk van mening dat de apparatuur van John, Paul, George en Pete ondermaats is. De jongens zetten hun ergernis aan de kant en spelen een set van vijftien liedjes. Twaalf covers en drie liedjes geschreven door John en Paul: ‘Like Dreamers Do’, ‘Hello Little Girl’ en ‘Love Of The Loved’.

Om deze video te bekijken moet je toestemming geven voor social media cookies.



Brian Poole & The Tremeloes

Ondanks de zenuwen verloopt het optreden goed. Hun manager Brian Epstein is er dan ook van overtuigd dat Decca met een platencontract op de proppen zal komen. Het label, naast Mike Smith vertegenwoordigd door A&R-collega Dick Rowe, twijfelt echter opnieuw. Het heeft Brian Poole & The Tremeloes uit het Engelse Daggenham namelijk óók auditie laten doen. De heren kiezen uiteindelijk voor die band en niet voor The Beatles. Brian Poole & The Tremeloes wonen namelijk in de omgeving van Londen en het zou daardoor makkelijker zijn om met ze te werken dan met gasten uit Liverpool. De woorden waarmee Dick Rowe het nieuws brengt aan Brian Epstein zijn inmiddels wereldberoemd: “Guitar groups are on the way out, Mr. Epstein.”

Om deze video te bekijken moet je toestemming geven voor social media cookies.



Epstein kan zich niet neerleggen bij de afwijzing en probeert de platenmaatschappij later nog over te halen door te beloven dat hij van elke The Beatles-single zelf drieduizend exemplaren zal opkopen. Decca gaat er niet op in. Dick Rowe wordt door de medewerkers zelfs niet over het voorstel geïnformeerd. Jaren later laat hij weten dat hij, als hij op de hoogte was gebracht, hoogstwaarschijnlijk akkoord was gegaan met de deal.

Pluggen tot een contract

De auditie bij Decca mag dan niet volgens plan zijn verlopen: hij is niet voor niets geweest. De opnames ervan kan Brian Epstein namelijk uitstekend gebruiken om de band bij andere labels te pluggen. Het is uiteindelijk geluidstechnicus Jim Foy die zo overdonderd is door de drie zelfgeschreven tracks op de opnames, dat hij contact opneemt met Sid Coleman van Ardmore & Beechwood, een dochteronderneming van het grote platenlabel EMI. Coleman brengt Epstein vervolgens in contact met producer, en hoofd A&R van platenmaatschappij Parlophone, George Martin. Martin is onder de indruk van The Beatles en regelt uiteindelijk een auditie voor ze in de beroemde Abbey Road Studio’s. Het is de auditie die vervolgens tot hun eerste platendeal leidt.

Foto omslag: artwork

STER Advertentie




Delen