8 artiesten waarvan je niet wist dat ze op Blue Note zaten
- Nieuws
- 8 artiesten waarvan je niet wist dat ze op Blue Note zaten
"Heuf, die ook?"
De hele week vieren we al het 75-jarige jubileum van Blue Note Records, het kan jullie niet zijn ontgaan. Ontelbare albums heeft het jazzlabel uitgebracht sinds 1939, waarbij nagenoeg alle jazzgrootheden uit de ruif hebben mogen pikken. Toch zijn het niet altijd de meest voor de hand liggende artiesten die een album op Blue Note uitbrachten. We verzamelden 8 van de meest in het oog springende.
#1. Van Morrison
Voor zijn dertigste langspeler vond George Ivan Morrison in 2003 kennelijk de tijd rijp om die op Blue Note uit te brengen, niet meteen een logische keuze. Natuurlijk fuseert Van Morrison in zijn muziek verschillende stijlen als R&B, blues, rock & roll en Celtic folk, maar om hem nu als een uitgesproken jazzartiest te bestempelen, niet echt. Wellicht dat-ie daarom het album What's Wrong With This Picture? heeft genoemd. Onze Astrid heeft het album in ieder geval uitgeroepen tot haar favoriete Blue Note-plaat.
#2. Annie Lennox
De voormalige frontvrouw van The Eurythmics op Blue Note? Het moet niet gekker worden natuurlijk. Toch weten muziekliefhebbers dat Lennox' stem een waanzinnig bereik heeft en moeiteloos laveert tussen synthpop, rock, soul en folk. Dus als het de winnares van 8 Brit Awards, 4 Grammys, 1 Oscar, 1 Golden Globe en 1 Billboard Century Award, die ook nog eens is geridderd tot Dame, behaagt om een album uit te brengen met haar interpretatie van jazzclassics van onder andere Hoagy Carmichael, Duke Ellington, George Gershwin, Billie Holiday en Screamin’ Jay Hawkins, kun je er donder op zeggen dat Blue Note een podium biedt voor haar Nostalgia.
#3. Amos Lee
Ook voor singer-songwriters is er een plekje in de herberg van Blue Note. Wat dat betreft is Amos Lee met zijn gevoelige folk een troetelkind van het label, die sinds 2005 al vijf albums mocht uitbrengen op Blue Note, de laatste Mountains of Sorrow, Rivers of Song in 2013.
#4. US3
Begin jaren negentig ontmoette de promoter en jazzauteur Geoff Wilkinson in Londen de toetsenist Mel Simpson, die televisiedeuntjes en jingles componeerde. Het klikte en samen maakten ze twee tracks waarop ze hiphop met jazz mixten. De track 'The Band That Played The Boogie' werd opgepikt door een hoge pief bij Capitol Records, het moederbedrijf van Blue Note. De sound sprak hen dusdanig aan dat ze Wilkinson en Simpson vrije toegang gaven tot het rijke archief van Blue Note, waaruit ze mochten samplen wat ze wilden. Zo ontstond Hand On The Torch, waarop rappers Kobie Powell en Rahsaan Kelly jazzsamples van Herbie Hancock, Art Blakey, en Horace Silver mochten omlijsten met hun rhymes. En niet zonder succes, aangezien 'Cantaloop (Flip Fantasia)', met een sample van Hancock's 'Cantaloupe Island' uitgroeide tot een monsterhit. Volgens onze Jaap is Hand On The Torch destijds de reden geweest waarom hij zich ging interesseren in jazz- en soulmuziek.
#5. St. Germain
Het was de tijd dat de term 'lounge' in schwung raakte, zo rond de millenniumwisseling. In de jaren negentig was de housecultuur enorm gegroeid (met alle uitwassen zoals 'gabber' van dien), waardoor behoefte ontstond aan gewoon relaxed op een bank hangen, met weliswaar elektronische muziek, maar niet per se een stoempende vierkwartsmaat. Het was de tijd dat in Wenen chillout-formaties als Kruder & Dormeister hun hoogtijdagen vierden. Waar de Oostenrijkers met name putten uit reggae en dub, mixte de Fransman Ludovic Navarre onder zijn artiestennaam St. Germain juist jazz met elektronische muziek. Na zijn redelijk succesvolle Boulevard in 1996 mocht hij zijn tweede album Tourist onder de vleugels van Blue Note uitbrengen. Elke zichzelf respecterende loungeclub en strandtent draaide dat album, met evergreens als 'Rose Rouge', 'So Flute' en 'Sure Thing', tot het grijs zag. Ook televisieprogramma's maakten gretig gebruik van de laidback elektronische jazz als achtergrondmuziek.
#6. Lou Rawls
In de lange carrière van Lou Rawls bracht hij in de periode 1989-1992 drie albums uit op Blue Note, de laatste Portrait Of The Blues in 1992. Rawls is sowieso lastig in een hokje te duwen, aangezien de één zal zeggen dat hij thuishoort bij gospel, de volgende zegt juist R&B en weer een ander zegt soul, blues of jazz. Laten we het erop houden dat de in 2006 overleden artiest zich zeer thuisvoelde in de Afro-Amerikaanse muziek. In de jaren vijftig nam zijn carrière een vlucht als crooner, kun je nagaan. Daarna probeerde hij zoveel mogelijk stijlen onder de knie te krijgen en zijn At Last uit 1989, waarop hij een jazzuitstap maakt op Blue Note, werd genomineerd voor een Grammy.
#7. José James
Dat zijn aanstaande album Yesterday I Had The Blues een muzikaal saluut wordt aan Billie Holiday, zo niet de grootste jazzzangeres ooit, is dan natuurlijk wel echt in het straatje van een label als Blue Note. Dat techno- en elektroproducers als Moodymann, Theo Parrish, SBTRKT en Joy Orbison de lome stem van James maar wat graag door hun tracks laten sijpelen, ligt wat verder af van een authentiek jazzlabel. En het grappige is dat pas toen James zich voegde bij Blue Note in 2013 hij het stempel van jazzzanger van zich af kon schudden. Zo voelde het althans voor hem, omdat hij een volledige vrijbrief kreeg voor zijn No Beginning No End.
#8. Al Green
In 1971 maakte de levende soullegende Al Green al eens een uitstapje naar Blue Note, met zijn album Gets Next To You, waarop hij zijn bekende stemgeluid wederom ten gehore brengt, maar in tegenstelling tot zijn eerdere albums niet met een voor Southern Soul zo kenmerkende ritmesectie, maar meer geënt op jazz. Pas 32 jaar later keert Al Green terug op het Blue Note-nest waarop hij achtereenvolgens I Can't Stop, Everything's OK en Lay It Down uitbrengt, hoewel die laatste op Blue Note's zusje Angel Records verschijnt.



