NPO Soul & Jazz

Een onnavolgbare (en superlekkere) bloemlezing van The Isley Brothers (1959-1983)

  1. Nieuwschevron right
  2. Een onnavolgbare (en superlekkere) bloemlezing van The Isley Brothers (1959-1983)

Opdat we nooit vergeten hoe invloedrijk de broertjes zijn geweest.

'Hé, zou die cd-box van Isley Brothers niet binnenkort uitkomen?'
- 'Je bedoelt die 23-delige box, die een overzicht is van hun carrière tussen 1959 en 1983?'
'Die ja. We schreven er een tijdje terug al over toen ze een snippet van onuitgebracht materiaal dropten ter promotie van deze box.'
- 'Oh ja, toen benoemden we meteen de 10 grootste hits van de Isley Brothers.'
'Klopt ja, maar weet je nou wanneer die box uitkomt?'

****Google****

- 'Vandaag! Vandaag (21 aug.) komt die box dus uit, wat een toeval niet?'
'Is het een idee om een verhaal te maken over de Isley Brothers, waaruit hun genialiteit onmiskenbaar naar voren komt?'
-'Waarvan akte.'

In nevelen gehuld

The Isley Brothers: The RCA Victor and T-Neck Album Masters (1959-1983). Deze mond vol is de officiële titel van de schatkist (ad 140 dollar) die vrijdag 21 augustus 2015 uit is gebracht. En hoewel de 10 grote hits zoals hierboven genoemd regelmatig langskomen op Radio 6, bekruipt ons het gevoel dat nog veel van The Isley Brothers in nevelen is gehuld bij het grote publiek.

In ieder geval reden genoeg om ons onder te dompelen in de wervelende sound van O'Kelly, Rudolph, Ronald, Vernon, Ernie en Marvin Isley en een duit in het zakje te doen wat betreft de anthologie van dit R&B-ensemble.

('Respectable' van het album Shout, 1959)

Van doo-wop tot gospelkraker

Het begon met Rudolph, Ronald en Kelly eind jaren vijftig. In totaal kregen vader en moeder Isley zes zoons, die voordat ze naar New York verhuisden in Cincinnati (Ohio) woonden. Midden jaren vijftig begonnen de oudste broers (Vernon overleed in 1955) als doo-wopbandje en waagden ze zich aan de gospelkraker 'Shout', dat ze op het gelijknamige album zetten. Een nieuwe sound was geboren en met name een nieuwe podiumact.

('Rubber Leg Twist' van het album Twist & Shout, 1962)

Ene Jimi

De Isley Brothers waren vermaard om hun live-optredens en werden in de wandelgangen de wildste soulband uit het circuit genoemd. Ze kropen over de vloer, klommen op piano's en sloopten alles wat ze tegenkwamen. Het was met name deze reputatie die een jonge gitarist uit Seattle, Jimi Hendrix genaamd, aantrok en zich kort daarna bij de band voegde. In 1965 verliet Jimi de groep om zijn eigen carrière vorm te geven en niet veel later tekenden de broers bij het Motown van Berry Gordy.

('Catching Up On Time' van het album Soul On The Rocks, 1967)

Tussenstop bij Motown

Natuurlijk, 'This Old Heat Of Mine', wie kent 'm niet. Het betekende de grootste hit van The Isley Brothers in hun bij tijd Motown/Tamla dat op dat moment het ene succes aan het andere reeg. The Isley Brothers hadden in vergelijking met een groot gedeelte van die stal uit Detroit al een eigen sound ontwikkeld. Het huwelijk tussen de broers en Motown was dan ook geen lang leven beschoren. De gebroeders Isley wilden zich niet conformeren aan de formule van Motown en verlieten in 1968 het label.

('Don't Give It Away' van het album It's Your Thing, 1969)

Constante evolutie

En of ze meer te vertellen hadden dan Motown ze opdroeg. Eén van de belangrijkste kenmerken van de muziek van Isley Brothers was dat ze zich naadloos aanpasten aan de tijd waarin ze leefden. Niet voor niets maakten ze in 2006 nog een album met relevante muziek, Baby Makin' Music. Eind jaren zestig beseften de broers zich dat ze de gelikte sound van Motown achter zich moesten laten en, in de geest van James Brown, meer de rauwe funkkant op moesten.

('Get Into Something' van het album Get Into Something, 1970)

Van trio naar sextet

Die evolutie werd de goeie kant op gekatapulteerd door de toevoeging van broertjes Marvin, Ernie en zwager Chris Jasper in 1969, waardoor ze transformeerden van trio naar band. Ze bliezen het label T-Neck Records nieuw leven in, tekenden een distributriecontract met Buddah en dropten binnen korte tijd twee stomende funkplaten, It's Your Thing (hun eerste gouden plaat) en Get Into Something.

('Fire and Rain' van het album Givin' It Back, 1971)

Hier, pak aan!

Maar zoals dat dan gaat met constant evoluerende bands namen ze al weer snel enigszins afscheid van hun funkende imago, vandaar ook de titel van hun album uit 1971 Givin' It Back. Marvin Isley vertelde daar ooit over tegen The Guardian: 'Het hele soul- en funkgenre was op zoek naar iets nieuws en vroeg zich af uit welk vaatje moest worden getapt. Niemand verwachtte dat de Isley Brothers het voor elkaar zouden krijgen.'

En zo ontstond Givin' It Back, een relatief rustig album waarop de broers nummers van singer-songwriters uit folk, country en rock onder handen namen. Bob Dylan, Neil Young, Bill Withers bijvoorbeeld, maar ook 'Fire and Rain' van James Taylor en 'Love The One You're With' van Stephen Stills.

('Pop That Thang' van het album Brother, Brother, Brother, 1972)

Niet Jimi, maar José!

Na dat baanbrekende album kozen de broers voor weer een nieuwe koers. Voor hun Brother, Brother, Brother zetten ze voor zichzelf het doel dat ze als band meer origineel materiaal wilden maken. Waar op eerdere albums veel covers stonden, werd tijd en energie gestoken om hun eigen sound voller te maken. Veel tijd werd gestoken in de harmonieën van de broers en de 12-snarige gitaar van Ernie werd een steeds belangrijker rol toebedeeld, die wel wat weg had van ex-bandlid Jimi Hendrix.

Ernie in een interview hierover: 'Iedereen heeft het altijd over Jimi Hendrix en dat ik beïnvloed ben door hem, maar ik ben gitaar gaan spelen om de simpele reden dat ik niets liever wilde dan 'Light My Fire' spelen zoals José Feliciano.

('What It Comes Down To' van het album 3+3, 1972)

Bassen met Marvin

Die gitaar van Ernie kwam misschien wel het beste tot uiting in de release van de 45"-editie van 'Who's That Lady', een track uit de jaren 60 die ze medio jaren 70 in een nieuw jasje staken en waarop vooral Ernie los mocht gaan, die daarmee verantwoordelijk was voor in ieder geval hun bekendste en waarschijnlijk ook hun grootste hit. Overigens verdienen de diepe bassen van Marvin Isley ook een vermelding, waarvoor hij geïnspireerd was geraakt door Bootsy Collins en de band van James Brown. Dit alles kwam samen op het fantastische album Live It Up.

('Midnight Sky' van het album Live It Up, 1975)

Hear & feel

Inmiddels hadden de broers de distributie van hun albums overgedragen aan het veel grotere Columbia, wat hun platenverkoop alleen maar ten goede kwam en ze twintig jaar na hun oprichting nog altijd, weliswaar met Stevie Wonder en Sly & The Family Stone, de lakens uitdeelden in de zwarte muziek.

Met de nadruk op het vervolmaken van hun eigen sound, die de liefdesbaby Live It Up had opgeleverd, konden de broers in het funk- en discotijdperk nog wel even vooruit, getuige ook de twee opvolgende albums (The Heat is On en Harvest Of The World) die een soortgelijke hear & feel hadden.

('Make Me Say It Again, Girl' van het album The Heat Is On, 1975)
:

Niet achterover leunen

Een muziekwereld zonder Isley Brothers was gewoonweg niet meer voor te stellen. Marvin Isley in een interview in die tijd: 'Veel artiesten zijn in de business om zo snel en rijk mogelijk weer weg te gaan. Bij ons gaat om muziek, dat is belangrijk voor ons. We bouwen een studio nabij Westchester in New York en we hopen binnen een paar jaar ook andere muzikanten te kunnen helpen.'

Ernie vult aan: 'Het is niet zo omdat we een platina album hebben dat we tevreden achterover gaan leunen. Geld is ook nooit een drijfveer voor ons. Alles wat we doen moet creatief zijn, de Isley Brothers zullen nooit stilstaan.'

('People of Today' van het album Harvest of the World, 1976)

Militant

Midden jaren 70 exploreerden de broers, net als veel andere zwarte artiesten in die tijd, hun politieke en soms militante kant. Op The Heat Is On verscheen al 'Fight The Power', waarop de Isley Brothers hun onvrede over de gang van zaken in de VS niet onder stoelen of banken staken.

Op Harvest of the World stonden weliswaar ballads en ook wat disco-getinte tracks, maar de grote teneur van het album was toch het kleur bekennen en aantonen aan welke kant van het politieke spectrum ze stonden.

('Rockin' With Fire' van het album Showdown, 1978)

It's A Disco Night

Toch werden ook de militante veren niet lang daarna afgeschud. Voornamelijk omdat de discotrein inmiddels in volle gang was vanaf het midden van de jaren 70. En Isley Brothers zouden de Isley Brothers niet zijn als ze niet head first op die trein sprongen. En niet zonder succes.

('Life In The City' van het album Winner Takes All, 1979)

Discodip

Of disco nou echt het beste in het sextet naar boven haalde, is nog maar de vraag. Als één van de allerbeste bands in hun genre in die tijd, bleef Isley Brothers jaarlijks een album uitbrengen. Maar de glans was er wel een klein beetje af, ook omdat disco uitgroeide tot een plat en commercieel genre. De albums Go All The Way (1980), Grand Slam (1981), Inside You (1981) en The Real Deal (1982) werden dan ook niet zulke successen als ze gewend waren.

('Under The Influence' van het album The Real Deal, 1982)

Einde van een tijdperk

In 1983 verscheen het laatste album van Isley Brothers als sextet. Dat werd wrang genoeg één van hun best verkochte albums, het sensuele Between the Sheets, dat twee miljoen keer over de toonbank ging. Daarna viel de groep door financiële perikelen (altijd dat geld!) en creatieve meningsverschillen uit elkaar, waarna Ernie, Marvin en Chris als het trio Isley-Jasper-Isley verder gingen, die nog een hit scoorden met 'Caravan of Love'.

('Rock You Good' van het album Between The Sheets, 1983)

En toen en nu

Het originele trio O'Kelly, Rudy en Ronnie bleven ook muziek maken. Overigens niet lang, want Kelly overleed in 1986 na een strijd tegen kanker. Ron en Rudolph maakten nog twee albums samen in de jaren 80, waarna Rudy na 42 jaar met pensioen ging. Begin jaren 90 kwamen de resterende broers (Ernie, Marvin en Ron) weer bij elkaar voor een comeback, Tracks of Life (1992).

Nadat in 1996 door diabetes twee benen geamputeerd werden van Marvin, gingen Ernie en Ron als duo verder en niet zonder succes, getuige de hit 'Contagious' uit 2001. In 2010 overleed Marvin, tegenwoordig touren Ernie en Ron nog altijd met hun tweeën, hoewel ze natuurlijk al lang niet meer zo relevant zijn als toen. Gelukkig is er nu de 23-delige box, die zich focust op de succesjaren van The Isley Brothers.

('Contagious' van het album Eternal, 2001)